Lezing over de Jonge Rembrandt

Rembrandt maakte ook veel zelfportretten, als oefening. Modellen waren duur!

Hoe begon Rembrandt zijn carrière als schilder? Wat is typisch en opmerkelijk aan zijn werk, voordat hij zich in 1634 in Amsterdam vestigde? Over dit onderwerp gaf kunsthistoricus Max Put donderdagavond een energieke lezing aan het Historisch Genootschap Oud-Pijnacker.

Van de manier waarop hij nieuwe technieken leerde hanteren, tot de toevoeging van exotische details en voorwerpen. Elke stap in Rembrandts ontwikkeling komt aan bod. Zo is er zijn terugkerende fascinatie voor mythologische, religieuze en historische scènes.

Historiën

Deze zogeheten historiën waren een prestigieus genre van de schilderkunst en Rembrandt’s uitbeeldingen getuigden dan ook van een bepaalde ambitie. Daarnaast keren bepaalde voorwerpen telkens terug in zijn schilderijen, een schild, een wagen, een parasol. Dit waren afbeeldingen van Rembrandt’s bezittingen, hij was een echte verzamelaar.

Deze voorwerpen waren soms zelfs zo invloedrijk, dat ze af en toe terechtkwamen in het werk van een collega of een leerling. Vermoedelijk hadden zij het voorwerp in kwestie dan van Rembrandt overgenomen.

Tijdsgenoten

Behalve Rembrandt zelf bespreekt Max Punt ook zijn leermeesters en collega’s, zoals Swanenburg, Lastman en Lievens. Van de laatste twee is goed te zien wat voor uitwerking ze op de jonge Rembrandt hadden, maar ook hoe hij zijn eigen weg blijft zoeken.

Vooral Lievens en Rembrandt werkten in die tijd nauw samen. Soms maakten zij ook hetzelfde schilderij. Waar Lievens dan uitblonk in technische vaardigheid, onderscheidde Rembrandt zich met de gebaren en gelaatsuitdrukkingen van het subject.

Tentoonstelling

Voor wie de lezing interessant vond, is het mogelijk tot en met februari een tentoonstelling van de jonge Rembrandt te bezichtigen in de Lakenhal in Leiden. Voor wie interesse heeft in lezingen van het HGOP is hier de website.

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.